|








|
|
Toen Eveline(5 jaar) en Bas(3 jaar) nog klein waren gingen ze
geregeld samen in het bad. Wij waren nog niet zolang verhuisd van een
flat naar een eengezinswoning en de kinderen waren erg
geïnteresseerd in alles wat groeide en bloeide. Ook wat betreft
het menselijk lichaam wilden ze in die periode het naadje van de kous
weten.
Toen ze dus samen in het bad zaten ontdekte Bas plots zijn balletjes.
Hans en ik waren in de nabijheid van de badkamer en vingen het gesprek
tussen onze twee kinders op.
“Ja”, zei Eveline ”dat zijn je balletjes, daar worden
zaadjes in gemaakt en als je die aan iemand anders geeft, dan krijgt
die een baby’tje”.
“Oh”, zei Bas toen ”dan geef ik mijn zaadjes wel aan
Sander”.
Eveline wist er duidelijk al héél veel vanaf want ”nee joh, dat kan niet, Sander is een jongetje”.
“Nou” was Bas zijn reactie ” dan doe ik ze wel in de tuin”
Eveline begon te gieren van het lachen en zei ” nee joh, dommerd, als de baby’tjes dan opkomen vatten ze kou!”
Dachten wij dat we alles toch goed hadden uitgelegd, ook toen
ik afrikaantjes ging zaaien in een vensterbankkasje en erbij had
verteld, dat de zaadjes kleine plantjes werden, die nog niet goed tegen
de kou konden en dat ze daarom eerst in het kasje moesten groeien.
|
|